De advocaat: een vrije vogel

Hoewel er natuurlijke diverse vrije beroepen bestaan, zijn er weinig beroepsbeoefenaren die zich zo vrij voelen als de advocaat. Waar voor andere disciplines geldt dat de wijze waarop het vak moet worden uitgeoefend tot in detail in protocollen, ISO-normen en specifieke gedragsnormen is voorgeschreven, heeft de advocaat tot nu toe de dans grotendeels weten te ontspringen. Ook de tuchtrechter heeft daar tot dusver nooit maatregelen of andere consequenties aan verbonden. Integendeel, in gedragsrechtelijke jurisprudentie is het uitgangspunt nog altijd dat een advocaat een ruime mate van vrijheid geniet om de belangen van zijn cliënt te behartigen op de wijze als hem in overleg met zijn cliënt goeddunkt.

Het voorgaande neemt niet weg dat de advocaat zijn eigen vrijheid kan inperken door het opstellen van een protocol. Hoewel de advocaat zich daarmee mogelijk een unique selling point kan verschaffen, is een waarschuwing op haar plaats. Want als de advocaat een protocol opstelt, zal hij zich eraan moeten houden, ook of juist in het belang van derden. Dat bleek toen een werkneemster van een gemeente klaagde bij de Raad van Discipline.

Accountants weten al langer dat aansprakelijkheid op de loer ligt als beroepsnormen worden geschonden. Zo werd een accountant tot in hoogste instantie aansprakelijk geacht jegens een derde-belanghebbende, toen deze mogelijk begane onregelmatigheden door de directieleden van een stichting onderzocht, maar daarbij de voor accountants geldende gedrags- en beroepsregels schond.[1]

Voor advocaten gelden niet zulke specifieke regels. De gedragsregels gaan niet verder dan de advocaat een "betamelijke beroepsuitoefening" voor te schrijven (gedragsregel 1 lid 1), welk voorschrift niet alleen geldt in relatie tot de cliënt, maar ook in relatie tot de overige betrokkenen bij de rechtspleging (gedragsregel 1 lid 2).

Het advocatenkantoor dat in opdracht van een gemeente onderzoek verrichtte naar feiten en omstandigheden met betrekking tot de werksfeer bij de gemeente en de rol van klaagster daarin, had evenwel een eigen "Protocol feitenonderzoek". Toch hield de verantwoordelijke advocaat zich niet aan dat protocol bij het doen van onderzoek.

Toen de klaagster op basis van de resultaten van het onderzoek werd ontslagen, zag de rechtbank geen aanleiding om aan te nemen dat het onderzoek om die reden niet met de vereiste zorgvuldigheid en objectiviteit had plaatsgevonden.

De Raad van Discipline was echter minder coulant: naar het oordeel van de raad had van de betreffende advocaat als bekwaam en redelijk handelend feitenonderzoeker mogen worden verwacht dat het onderzoek zou worden ingericht met inachtneming van de in het Protocol vermelde uitgangspunten, waarin de belangen van de onderzochte persoon of personen zijn gewaarborgd. Nu het protocol niet was gevolgd, viel de advocaat daarvan naar het oordeel van de Raad van Discipline 's-Hertogenbosch een tuchtrechtelijk verwijt te maken.[2] De klacht tegen de advocaat werd daarom gegrond verklaard.

Ter waarborging van de kwaliteit van de beroepsuitoefening door advocaten kan het introduceren van protocollen en best practices nuttige diensten bewijzen. Maar, let wel: als ze eenmaal zijn vastgesteld, zijn ze niet langer vrijblijvend.


[1] ECLI:NL:HR:2019:744

[2] ECLI:NL:TADRSHE:2019:58